Osteoporose

Wat is osteoporose?

Osteoporose betekent letterlijk 'poreus bot'. Het wordt ook wel botontkalking genoemd. De botten worden brozer: de botten verliezen botmassa (door verlies van kalk en mineralen) en hun stevige structuur.

Hoe ontstaat het?

Hoe ouder men is, hoe meer kans men heeft op deze aandoening. Wanneer men ouder wordt, gaat het lichaam meer botweefsel afbreken dan dat er aangemaakt wordt. De kwaliteit van het bot gaat achteruit en dit kan leiden tot osteoporose. Men kan leeftijd niet beïnvloeden, maar er zijn meerdere factoren die de kans op deze aandoening vergroten en deze factoren kan men wel beïnvloeden. Een voorbeeld hiervan is te weinig lichaamsbeweging. Door te bewegen, komt er druk op de botten. Dit zorgt voor meer botaanmaak. Ook een tekort aan calcium en vitamine D vergroot de kans op botontkalking. Calcium is een belangrijk bestanddeel van het botweefsel en vitamine D zorgt ervoor dat dit calcium opgenomen kan worden uit het bloed. Ook roken en alcoholgebruik vergroten de kans op botontkalking. Daarnaast zijn er enkele risicofactoren die men niet (altijd) kan beïnvloeden, zoals de menopauze bij vrouwen en maag-, darm-, of schildklieraandoeningen. Daarnaast vormen bepaalde medicijnen, zoals corticosteroïden, ook een risico voor deze aandoening.

Wat zijn de tekens & symptomen?

Van de osteoporose zelf merkt men weinig. De gevolgen echter, kunnen erg vervelend zijn. Mensen met osteoporose hebben vaker en sneller botbreuken. Ook kunnen de wervels van de wervelkolom 'inzakken'. Dit noemt men een inzakkingsfractuur. Dit kan veel pijn geven en de lichaamshouding kan veranderen. Men gaat voorovergebogen lopen. Dit kan op zijn beurt weer evenwichtsproblemen in de hand werken en daarmee het risico op vallen vergroten.

Wat is de behandeling?

Men kan niet genezen van botontkalking. Wel kan men met medicijnen de botafbraak remmen en botaanmaak stimuleren. Daarnaast kan men pijnstillers nemen om de pijn te bestrijden. Ook kan men dingen in het dagelijks leven aanpassen om zo het proces te vertragen. Voorbeelden hiervan zijn voldoende zuivel tot je nemen vanwege het calcium dat hierin zit en voldoende bewegen. Ook niet roken en niet drinken kan het afbraakproces vertragen. De fysiotherapeut kan u helpen door:

  • een beweegprogramma voor u op te stellen en u hierin te begeleiden
  • u te coachen bij het veranderen van uw leefstijl
  • de pijn weg te verminderen met bijvoorbeeld massage, manuele technieken of tapen
  • uw evenwicht en coördinatie te trainen
  • valpreventietraining te geven.

Plaats een reactie

U plaatst een reactie als gast U kunt hieronder inloggen